Snipper de ui, hak de 2 teentjes knoflook fijn en verwijder de zaadlijsten en zaadjes uit de rode peper. Snijd de peper in ringetjes, doe alles in een schaaltje en zet even apart. Als je verse sperziebonen gebruikt maak je deze eerst even schoon. Snijd de topjes eraf en snijd de bonen doormidden. Bevroren sperziebonen kun je direct toevoegen, deze hoef je niet eerst schoon te maken.
Verhit een eetlepel olie in een wok en fruit hierin de ui, knoflook, sambal oelek en rode peper. Voeg daarna de gemalen laos en suiker toe. Schep dit even mee om. De trassi verkruimel je boven de pan en bak dit mee tot het is opgelost.
De sperziebonen kunnen er nu bij, schep deze goed om. Voeg een eetlepel groentebouillonpoeder (of een stukje van een verkruimeld bouillonblokje) toe samen met het water, 2 eetlepels ketjap manis, 2 blaadjes laurier en 1 eetlepel citroensap. Laat dit 20 minuten stoven tot de boontjes zacht zijn. Ze mogen nog wel een bite hebben. Breng op smaak met zout en peper. Serveer met rijst en gebakken uitjes en extra sambal.